Het project in Roemenië loopt op z'n einde, dus tijd voor een "wrap-up".
Toen we eraan begonnen (eind januari) was de opdracht duidelijk: maak een kader waarbinnen belastingen en sociale zekerheidsbijdragen geïnd kunnen worden door één instelling (de belastingdienst). Al gauw werd het duidelijk dat het allemaal om informatie draaide. De gezamenlijke inning was er wel, maar omdat alles benaderd werd vanuit een belasting-logica hadden de instellingen van sociale zekerheid niet voldoende informatie om hun werk te kunnen doen. Gevolg: verschillende definities van de realiteit, verschillende bijdragevoeten, een wirwar van wetgeving en regeltjes, vier maandelijkse aangiften van wat in essentie dezelfde informatie is: loon en arbeidstijd gegevens.
In de maanden erna hebben we heel wat bereikt. Niet alleen is er nu een werkbaar plan en een set concrete aanbevelingen, maar we zijn er ook in geslaagd iedereen te laten samenwerken en - minstens even belangrijk - een sfeer te creëren waarbij problemen op tafel komen en uitgepraat worden. Het is niet makkelijk geweest, en in juni leek het even alsof we weggezonken waren in een moeras van details en interne strubbelingen. Maar na een tweede adem en een stapje terug staat het resultaat er: een ontwerp van wet die zorgt voor één berekeningsbasis, een aangifte die zo goed als volledig is en vier andere aangiftes vervangt, een model waardoor informatie kan worden uitgewisseld, en een plan om verder werk aan te sturen. Kant en klaar op tafel, besproken, bediscussieerd, goedgekeurd. Klaar om uitgevoerd te worden.Donderdag en vrijdag kwam dan een conferentie waar we de resultaten nog eens konden samenvatten en waar de laatste problemen werden uitgesproken en voor het grootste deel ook werden opgelost. Iedereen oprecht blij en enthousiast, en na een beetje vieren op vrijdagavond konden Sabine (de project manager) en Igor (onze juridische expert) dan ook naar huis.
Hans en ik, als teamleider, bleven achter om maandag even bij te zitten op de vergadering waar de voorbereide beslissingen geformaliseerd moesten worden. Geen probleem; voor alles zijn hier dat soort beslissingen nodig, dus dat zijn we wel gewoon.
Maar maandag. Maandag kwam dan de verrassing: de belastingen doen niet mee met de unieke aangifte. Dat dit regelrecht tegen de oorspronkelijke opdracht en tegen alle activiteiten dusver ingaat, is maar één ding. Het is vooral een gemiste kans, gaat in tegen de reden van het project en is een serieuze rem op verdere activiteiten. Want zeg nu zelf - hoe kan je als instelling met autoriteit leiden, sturen, problemen oplossen in een project waardoor iedereen op een andere manier zal moeten werken... behalve jij zelf, omdat je er zelf eigenlijk niets mee te maken wil hebben?
Ach, het is natuurlijk hun eigen beslissing; aan de Roemenen wat aan de Roemenen toekomt. Wraakroepend is wel dat die beslissing genomen is in 5 seconden. Sneller beslissen dan je schaduw. Zonder debat, zonder discussie, in een vergadering die wel een parodie leek op alles wat we ooit over vergadertechniek hebben geleerd, zonder - durf ik wel zeggen - kennis van zaken. Gewoon omdat het nu eenmaal makkelijker lijkt dingen te laten zoals ze zijn, ook al was het nu net de bedoeling de problemen op te lossen die net gecreëerd worden door de huidige inefficiënte en ineffectieve situatie. Mensen die het niet begrijpen nemen de beslissingen; mensen die het wel begrijpen missen blijkbaar de ambitie en de ruggengraat om veranderingen door te zetten, ook al krijgen ze daar ruimschoots de kans toe. Opmerkingen in de rand en na de "vergadering" als "is dit de eerste keer dat je in Roemenië werkt?" en "we hebben bewust een paar gaatjes gelaten zodat we misschien later toch kunnen uitvoeren wat jullie ontwikkeld hebben" bevestigen dat we, zelfs al hadden we de kans gehad te interveniëren, er niets aan hadden kunnen veranderen.Ik vergeet het bijna, maar het feit is wel dat die mogelijkheid aangehaald werd tijdens de conferentie vrijdag. Aangehaald, besproken én verworpen. Probleem opgelost, dachten wij, maar niet dus.
De optimistische opmerking die al een paar maanden wordt herhaald, dat "dit het eerste project is waar de aanbevelingen zo concreet en relevant zijn dat we ze al kunnen implementeren voor het einde van het project" is nu wel bitter. "Het eerste project dat we al in de prullenmand kunnen gooien nog voor het eindrapport af is" ware meer accuraat geweest. Dat onze gesprekspartner dit al moet hebben geweten in april of mei negeer ik dan maar even.
Verbaasd, boos, ongelovig, aangeslagen, gelaten, cynisch. Allemaal van 15 tot 17u op maandag 10 september in Bucharest.
Ach, het is hun land. We hebben goed werk geleverd, getuige daarvan het feit dat er blijkbaar geen goede objectieve argumenten tegen het concept gevonden kunnen worden en dat iedereen waarmee we hebben gewerkt enthousiast is (was) en met deze politieke beslissing niets aan kunnen vangen. Wij gaan nu naar huis en werken het eindrapport af, zoals het hoort. Zij hebben nog maar eens een reden om gedesillusioneerd en defaitistisch te zijn, en te dromen van een leven weg van Bucharest en weg van overheidsdienst.
En nu? Ons werk zit er (bijna) op - het eindrapport moet nog af. Dat ik daar niet met enthousiasme en inzet aan begin kunnen jullie wel begrijpen. De hoop op een vruchtbaar vervolg ligt in de lade, maar op een manier lucht dat ook op. Er is geen enkele reden om ons betrokken te voelen, er staat nu echt een punt achter. Niet het punt dat we voor ogen hadden, maar toch een punt met het voordeel van duidelijkheid.En in onze rugzak voor onderweg nemen we meteen deze ervaring mee. Nieuwe mensen leren kennen, nieuwe verhalen om na te vertellen, beter weten wat je zelf kan en wat niet, prettig gewerkt met mensen die weten wat ze aan het doen zijn, dingen ontwikkeld waar een andere groep mensen in een ander land zonder twijfel wel verder op kunnen bouwen.
De Roemenen zeggen wel eens "zicem ca voi, facem ca noi". We praten zoals jullie, maar doen het zoals wij. Alleen jammer dat over dat laatste niet echt nagedacht lijkt te worden...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten