07 augustus 2011

Knibbel-knabbel-knuisje...


Na een beetje vakantie in België zijn we eindelijk van start kunnen gaan met het opkalefateren van onze nieuwe thuis. Op het verlanglijstje staan logische dingen zoals vers behang en opgefriste vloeren, en ook een aantal werken die wat lager op de prioriteitenladder stonden. Zoals het isoleren van de vloer van de veranda, die eigenlijk gebouwd is om enkel in de zomer gebruikt te worden maar best wel een leuke permanente ruimte is. Dat het eigenlijk maar een "zomeraanbouw" is, is te zien aan de constructie: een paar stenen pilaren met daar bovenop houten steunbalken, en planken muren (in de rest van het huis is de stenen fundering doorlopend en zijn de muren gemaakt uit zware balken).

Toe de rommel rond de veranda een beetje was weggeruimd leek het mij alsof we toch best eens naar het vochtige hout zouden laten kijken. Via via dan maar een ingenieur met ervaring in renovatie en met de huizen in de buurt uitgenodigd. En toen die man met zijn pen gaten in het hout kwam prikken, was er al niet teveel twijfel meer mogelijk. Houtworm.

Nu is dat op zich geen groot probleem. Houtworm overleeft het onder normale omstandigheden niet hier in Estland. Binnen is het te droog, buiten te koud. Als er al problemen zijn is dat meestal aan de zolder, zelden ergens anders.

Maar... De vorige eigenaar heeft ergens in het jaar 2000 een terras aangelegd rond de veranda, en blijkbaar niet volgens de regels van de kunst. Bakstenen tegen een houten steunbalk, geen afwatering, een verluchtingspijp die gewoon ergens onder de veranda eindigt ... Allemaal dingen waarvan ik zelf, zonder ervaring maar met een beetje gezond verstand, al denk dat het niet bijzonder handig is.

Resultaat: geen luchtcirculatie, teveel vocht, club med voor houtwormen. En dus nu een hoop steunbalken waarvan het hout verpulvert als je het een beetje te scheef bekijkt. Wie graag eens ziet welke schade houtworm kan aanrichten over een periode van 10 jaar moet maar eens komen kijken. Problemen over een lengte van zo'n 12 meter.

Hout is gelukkig hout. Blijkbaar is het relatief eenvoudig het geheel te repareren. Ik zou het niet weten - ik sta er naar te kijken met een bang hart en het gevoel dat alles op het punt staat ineen te storten. Alles, dat is dan onze veranda en die van de bovenburen (die op de onze is gebouwd). Gelukkig niet de rest van het huis, al kan ik me voorstellen dat het voor zo'n gebouw op zich ook wel niet al te best zou zijn als er zich opeens een heel stuk van af scheurt.

Dus gaat er nu iemand die funderingen te lijf met een kettingzaag, haalt een andere man zand uit 1895 van onder de vloerplanken (te vervangen door meer moderne isolatie), wordt er vandaag of morgen royaal gesmeerd met chemicaliën, en liggen er nieuwe balken klaar, ter vervanging van een deel van de oude.

De bovenburen zijn weg naar het platteland, de andere buren lijken zich er zo weinig mogelijk van aan te trekken, en wij hopen hier dat dit het enige, of toch voornaamste, "verborgen gebrek" zal zijn. Als alles goed gaat (en daar vertrouw ik dan maar op) hebben we eind volgende week een beter geïsoleerde veranda, gebaseerd op stevige fundamenten en een constructie die met kennis van zaken is gebouwd. En als dat allemaal lukt, dan hebben we het al goed gehad en kunnen we eerlijk zegen dat de voorzienigheid ons al een hoop goede vakmensen heeft gestuurd. Een onverwachte kost, dat wel. Maar als het daarmee opgelost is, dan is het goed besteed.

Dat vertrouwen, daar moest ik wel een beetje aan werken. Al dat hout is voor een Belgische jongen niet zo evident. En nu nog is het niet moeilijk zich af te vragen of de reparaties wel voldoende zullen zijn; of we niet beter meteen meter-dik hout of stalen balken zouden steken. Ik veronderstel dat we dat dan wel zullen weten over een jaar of vijf...

1 opmerking: